Leiden Rusland Blog

Svetlana Alexijevitsj ‒ lijden en leven van de voormalige Sovjetmens

Posted on in
Svetlana Alexijevitsj ‒ lijden en leven van de voormalige Sovjetmens

Het mooiste nieuwsfeit van het jaar 2015 was wellicht de toekenning van de Nobelprijs voor de Literatuur aan de Wit-Russische schrijfster Svetlana Alexijevitsj (67). Zeker gezien vanuit het perspectief van de Russische Studies betekent dit een geweldige erkenning en ook meer publieke interesse voor een even ongrijpbaar als aangrijpend fenomeen: het menselijk leven in de postcommunistische wereld.

Want dat is waaraan Svetlana Alexijevitsj haar hele oeuvre van dertig jaar literaire journalistiek heeft gewijd, bijeengebracht in een serie van zes monografieën onder de noemer van ‘Stemmen uit Utopia’. Zij maakte reportages over de in de Tweede Wereldoorlog onzichtbaar gebleven vrouwen, over het lot van oorlogskinderen, over teruggekeerde Afghanistanveteranen, over slachtoffers van de Tsjernobylramp, over zelfmoordenaars die al dan niet in hun opzet slaagden, en meer recentelijk over Sovjetmensen die verdwaald zijn geraakt in een ‘tweedehands’ leven. Deze ‘veelstemmige geschriften´ vormen aldus het juryrapport van het Nobelprijscomité ´een monument voor lijden en moed in onze tijd’.

Kroniek

Het laatste boek in de reeks was net vorig jaar in het Nederlands verschenen met als titel Het einde van de Rode mens, leven op de puinhopen van de Sovjet-Unie (De Bezige Bij Antwerpen 2014). Hierin weeft de schrijfster een geraffineerd netwerk van honderden gesprekken, getuigenissen van gewone mensen uit de voormalige Sovjet-Unie, persoonlijke bekentenissen van vrouwen en mannen, jong of oud uit de eerste hand en ook opgeschreven in de eerste persoon, georganiseerd in een tiental levensverhalen uit de Jeltsinperiode naast een tiental uit de Poetintijd, afgewisseld met allerlei losse stemmen uit de keuken en van de straat, in zeer verschillende toonaarden, van zuiver tot vals.

Dit werk is gecomponeerd als een oratorium voor solozang en koor, met hier en daar een spaarzaam woordje van de auteur tussen haakjes. Het ondergaan van dit geheel maakt op de lezer een overweldigende indruk. Dit is het soort boek dat onmogelijk is om in eenmaal uit te lezen, maar ook onmogelijk om weg te leggen. Wat hierin wordt verteld, kruipt je onder de huid.

Het is de kroniek over een voorbije wereld van dromen en angsten die voortleeft in de trauma’s van de nabestaanden. ‘Ik ga gauw de sporen van de Sovjetbeschaving vastleggen’, zegt Alexijevitsj in haar inleidende notities. ‘Gezichten die ik goed ken. Ik stel geen vragen over socialisme maar over liefde, afgunst, jeugd, ouderdom. Over muziek, dansen, kapsels. Over duizenden details van het verdwenen leven. Dat is de enige manier, om de ramp in een alledaags kader te plaatsen en te proberen iets te vertellen. Iets te raden. Ik blijf me verbazen hoe boeiend een gewoon mensenleven is. De menselijke waarheden zijn eindeloos. De geschiedenis interesseert zich alleen voor feiten, de emoties blijven buiten beschouwing.’

Dit is precies de reden dat haar werk van zo’n onschatbare waarde is als aanvulling op het vakgebied van de Russische Studies. Zij geeft ons als geen ander een toegang tot de meest indringende levenservaringen en intiemste gevoelens van de mensen die het Sovjetsocialisme hebben meegemaakt, in de dubbele betekenis van het woord als dader en als slachtoffer. Zonder oordeel te vellen maar met compassie ziet zij de verscheurde Sovjetmens in het weerloze gelaat.

Een stem voor de stemlozen

Alexijevitsj is ook zelf het product van deze Sovjetwereld. Zij werd in 1948 geboren in de Oekraïense stad Ivano-Frankovsk als dochter van een Wit-Russische vader en militair en een Oekraïense moeder en lerares. Zij studeerde journalistiek in Minsk en begon haar loopbaan in de jaren zeventig als correspondent voor lokale nieuwsbladen. Zij experimenteerde met verschillende tekstvormen op zoek naar de literaire methode ‘die mij zou toestaan het echte leven zo dicht mogelijk te benaderen.’ Dit werd aanvankelijk door de autoriteiten scherp bekritiseerd maar onder de glasnost kreeg zij meer lucht.

Zo heeft zij een eigen genre ontwikkeld, noem het de literaire documentaire, waarin zij de stemlozen een stem geeft. ‘Precies daar, in de warme menselijke stem, in de levendige weerspiegeling van het verleden, verbergt zich de oorspronkelijke vreugde en openbaart zich de onafwendbare tragiek van het leven, zijn chaos en hartstocht, zijn unieke karakter en onbegrijpelijkheid. Alles is echt.’ Daarom noemt zij zichzelf ´niet een vrouw van de pen, maar een vrouw van het oor’.

Nooit eerder is een schrijver van zulke radicale non-fictie bekroond met de Nobelprijs voor de Literatuur, wat tevens beschouwd kan worden als de hoogst mogelijke erkenning van dit genre. Alexijevitsj is de veertiende vrouw van de 112 gelauwerde schrijvers tot nu toe, de zesde auteur in het Russisch en de eerste uit een postcommunistische opvolgerstaat van de USSR. Zij schaart zich hiermee in het gezelschap van schrijvers als Boris Pasternak en Aleksandr Solzjenitsyn van wie hun werk eveneens een unieke bron van kennis vormt voor het geestelijk leven van het Rusland van hun tijd.

Luisteren

Wat valt er voor ons dan te ontdekken in het werk van Alexijevitsj? De meest toepasselijke manier om daarvan een indruk te geven, zijn een paar typische soundbytes uit het boek Het einde van de Rode mens:

‒ ‘Op een avond gingen we naar de film. In een bloedplas lag een man. Een kogelgat in de rug van zijn jas. Naast hem een agent. Zo zag ik mijn eerste moordslachtoffer. Ik wende er gauw aan. Ons flatgebouw is groot met twintig ingangen. Elke ochtend zagen we buiten een lijk liggen, we rilden al niet meer. Het echte kapitalisme was begonnen. Bloedig. Ik dacht dat ik geschikt zou zijn; welnee. Na Stalin kijk je anders naar bloed. Je weet hoe ze elkaar vermoordden. Massamoorden op mensen die niet wisten waarom ze vermoord werden. Dat blijft je je leven lang bij. We groeiden op tussen beulen en slachtoffers. Zo samen leven vinden we normaal. Er is geen grens tussen vrede en oorlog. Het is altijd oorlog.’

‒ ‘Ik ben een Sovjettrut, overal bang voor. Tien jaar geleden zou ik voor geen goud de straat op zijn gegaan. Maar tegenwoordig sla ik geen meeting over. Ik was in de Sacharovstraat en in de Nieuwe Arbat. Ik deed mee met de Witte Ring. Ik leer vrij te zijn. Ik wil niet als een Sovjettrut doodgaan. Ik gooi mijn Sovjetwezen met emmers tegelijk overboord…’

Natuurlijk is ook kritiek denkbaar op de intuïtieve aanpak van Alexijevitsj. De argeloze lezer wordt wellicht al te zeer overrompeld door een schijnbaar ongestructureerde stortvloed van verwarrende emoties. Men zou de schrijver het verwijt kunnen maken van sentimentaliteit en subjectiviteit in de weergave van de door haar gezochte werkelijkheid. Zij tapt in elk geval uit een heel ander vaatje dan de doorsnee Rusland-watchers. Maar hiermee is haar verhaal niet minder relevant, integendeel.

Meten is weten, zegt de natuurwetenschap. Maar in de menswetenschap is het weten nog geen begrijpen. Om de ander te leren begrijpen moet je beginnen met luisteren. En het is Svetlana Alexijevitsj die als geen ander juist deze kunst verstaat.

Voor wie hier meer van wil horen, bezoek ook haar persoonlijke website ‘In lieu of biography’.

Add a Comment

Commenting is not available in this channel entry.