Leiden Rusland Blog

Back to the Nineties. Of toch liever niet?

Posted on in
Back to the Nineties. Of toch liever niet?

Terwijl het Westen op de jaren negentig terugkijkt als een periode van economische bloei en spectaculair stijgende beurzen, associeert men in Rusland het decennium juist met armoede, hoge misdaadcijfers, sociale ontwrichting en totale chaos. Behalve een kleine burgeroorlog in de hoofdstad (Oktober ’93) vocht het Jeltsinregime nog een oorlog uit in Tsjetsjenië; en dan waren er de gewapende conflicten in Transnistrië en Abchazië.

Toch gaan er nu in Rusland stemmen op om dat negatieve beeld van de jaren negentig bij te stellen. Was het allemaal werkelijk zó beroerd? En gooien we het kind niet met het badwater weg door het decennium voortdurend te demoniseren?

Hoewel de ongunstige reputatie van de jaren negentig een stevige basis heeft in de historische werkelijkheid, is het duidelijk dat de propagandamachine van Vladimir Poetin in deze beeldvorming een aanzienlijk aandeel heeft gehad. Het Rusland van de jaren negentig werd gekenmerkt door chaos en armoede, zo gaat de redenering; vanaf het moment dat Poetin de scepter zwaait, kent het land economische groei en vooral stabiliteit. De president zelf heeft naar mijn weten nooit openlijk met zulke schrille contrasten geschermd, maar er zijn genoeg Kremlin-getrouwen die de verschillen tussen beide tijdvakken keer op keer hebben benadrukt.  Zo sprak patriarch Kirill in 2010 zijn dank uit aan het adres van de wereldlijke macht (concreet: toen premier Poetin en president Dmitri Medvedev) omdat deze Rusland niet opnieuw had laten wegzinken in de “turbulenties van de jaren negentig. Nog concreter en persoonlijker werd de patriarch in 2012  toen hij Poetin op de man af bedankte voor zijn bijdrage aan Ruslands economisch herstel na de  jaren negentig, een tijd die hij qua destructieve kracht vergeleek met de inval van Napoleon en zelfs de Tweede Wereldoorlog.

In reactie op deze vaak politiek gemotiveerde zwartmakerij horen we sinds een jaar of twee echter ook andere geluiden die zelf niet meteen een politiek doel lijken te hebben. Het gaat hier om de persoonlijke herinneringen van voornamelijk 35- tot 45-jarigen die destijds te jong waren om hun carrière in duigen te zien vallen, maar volwassen genoeg om hun professionele ambities aan de grillen van een  snel veranderende maatschappij te kunnen aanpassen.

Neem Marina Stroekova (1975), een dichteres met extreemrechtse sympathieën, die in 2013 haar essay “Mijn jaren negentig” publiceerde. De titel roept direct associaties op met Marina Tsvetajeva die haar volstrekt idiosyncratische bespiegelingen over Alexander Poesjkin op een vergelijkbare manier presenteerde (“Mijn Poesjkin”). En inderdaad: in plaats van een algemene uiteenzetting over de verloedering van de jaren negentig volgen Stroekova’s persoonlijke herinneringen aan wilde rockconcerten, haar eerste publicaties in het tijdschrift Onze tijdgenoot (Наш современник) en haar lidmaatschap van de fascistische organisatie Russische Nationale Eenheid.  Nog opmerkelijker dan deze bijna intieme titel is Stroekova’s zeer persoonlijke slotoordeel. Voor haar als “romanticus” (Stroekova’s eigen woorden) waren de jaren negentig een “wrede, maar vrolijke tijd”, en absoluut “geen tragedie”. Daarmee neemt ze bewust afstand van de collectieve traumatische herinnering die haar verongelijkte communistische lezers doorgaans cultiveren (het essay verscheen oorspronkelijk op de website van de rood-bruine krant Morgen (Завтра) maar is daar inmiddels verwijderd).

Op discussiefora vinden we natuurlijk ook tal van persoonlijke herinneringen waarin juist de meer “orthodoxe” (negatieve) visie naar voren komt, maar het zijn vooral de anonieme “revisionisten” die zich beroepen op het morele recht er een “eigen” (afwijkende) herinnering op na te mogen houden. Een concrete herinnering hoeft het niet eens te zijn; vaak is een persoonlijke  foto uit de jaren negentig met een recent onderschrift al voldoende om een statement te maken. Op Instagram vinden we een foto van een jong stel, onmiskenbaar jaren negentig-achtig ogend, met daaronder de bijna uitdagende tekst: “Begin jaren negentig. Mijn vrouw en ik op stap in Moskou” (Начало 90-х. С женой шагаем по Москве). Dit is een directe verwijzing naar een van de meest zonovergoten feel-good films uit de geschiedenis van de Russische cinema, Georgi Danelija’s Op stap in Moskou (Я шагаю по Москве, 1963). Het is duidelijk dat de foto het hardnekkige beeld van de jaren negentig als een tijd van doom and gloom wil ondergraven: voor het stel in kwestie was het juist de tijd van hun leven.

Naast deze incidentele sympathiebetuigingen aan de jaren negentig tekent zich langzamerhand ook een meer academische beweging af die pleit voor een genuanceerde omgang met de transitieperiode en hierin klinkt wel degelijk een politieke ondertoon door. Zo was het in Jekaterinaburg gevestigde Jeltsin-centrum een van de belangrijkste sponsoren van het festival “Eiland van de  jaren negentig” (Остров 90-х) dat in september vorig jaar plaatsvond in het Muzeon (een toonaangevende expositieruimte in Moskou).  Sommige programmaonderdelen waren ludiek nostalgisch (een modeshow, een jaren negentig-disco), maar er waren ook lezingen, poëzievoordrachten en debatten met deelname van gevestigde dichters, politicologen en historici. En juist hier kwam ter sprake wat op liberale media zoals De echo van Moskou wel vaker is uitgesproken: ondanks alle economische moeilijkheden had Rusland in de jaren negentig wel een functionerend parlement en een gevarieerd medialandschap. En ook het klimaat voor ondernemers was vele malen gunstiger dan het nu is onder Poetin.

Die boodschap kwam ook in de PR campagne van het festival naar voren. De ingeburgerde woordcombinatie “De ruige jaren negentig” (Лихие 90-е) werd door de organisatoren als een Geuzennaam geadopteerd, maar ook uitgebreid tot een nieuwe slogan: “De jaren  negentig – ruig, maar vrij”. Dat viel verkeerd bij met name de oudere generatie voor wie de uitdrukkingen “de ruige jaren negentig” of zelfs “de vervloekte jaren negentig” in beton gegoten staan. Voor Andrej Fefelov, vaste medewerker van Morgen, was het festival aanleiding om nog eens te wijzen op de “economische holocaust” die in de jaren negentig had plaatsgevonden en op te roepen tot de totale de-Jeltsinisering (деельцинизация) van Rusland.  

Het is onvermijdelijk dat de herinnering aan de jaren negentig langzaam minder dogmatisch zal worden. Festivals als “Eiland van de  jaren negentig” en de speciaal aan de transitiejaren gewijde lezingenreeks die momenteel op Rain TV is te bekijken (het enige onafhankelijke TV kanaal in Rusland) dragen daar zonder meer aan bij. Maar de sterkste indicatie dat het werkelijk die kant op gaat, biedt de entertainmentindustrie. Echte thrillseekers hebben nu de mogelijkheid om in Petersburg de ruige jaren negentig nog eens live te ondergaan compleet met een bezoek aan in framboosrode colberts gehulde maffiosi. Voor sommige Russen zijn de jaren negentig dan ook gewoon een product geworden.

Add a Comment

Name (required)

E-mail (required)

Your own avatar? Go to www.gravatar.com

Remember me
Notify me by e-mail about comments