Leiden Rusland Blog

Afrekenen met Stalin

Posted on in
Afrekenen met Stalin

Recensie van: Oleg V. Khlevniuk, Stalin. New biography of a dictator (Yale University Press; New Haven en Londen, 2015)

Over Jozef Stalin (1878/9-1953) raken we maar niet uitgepraat. Dat is ook niet zo verwonderlijk, gezien het zware stempel dat hij heeft gedrukt op de loop van de wereldgeschiedenis, en op Rusland in het bijzonder. Meer nog dan Lenin, was hij immers de schepper van het ‘reëel bestaande socialisme’ en de ‘redder van het Sovjetvaderland’. Maar meer ook dan enig ander was hij in dit proces verantwoordelijk voor de verkwisting van ontelbare mensenlevens. En van alle voormalige communistische leiders die nu dood en begraven zijn, is hij de enige die nog springlevend rondwaart als huiveringwekkende geest door het collectieve geheugen van de Russen. De mengeling van het boze en het heroïsche in Stalin spreekt tot onze verbeelding en heeft al heel wat biografen geïnspireerd tot het schrijven van dikke boeken met elk een eigen invalshoek en theorie over deze denkelijk grootste dictator van de twintigste eeuw.

Dat moest nu maar eens afgelopen zijn! Zo is de onderliggende boodschap van de meest recente Stalinbiografie in het rijtje, Stalin, new biography of a dictator, vorig jaar in vertaling verschenen (ook in het Nederlands) en geschreven door de Oekraïens-Russische historicus Oleg Khlevniuk (1959). Zijn boek wil een einde maken aan alle illusies omtrent Stalin en beoogt hiermee een dikke streep te kunnen zetten onder dit vermaledijde stuk verleden.

Khlevniuk is een alom erkende specialist in het archiefonderzoek naar Stalins Kremlinpolitiek. Hij heeft eerder gepubliceerd over de besluitvorming en machtsrelaties binnen de kleine kring van Stalins naaste medewerkers en handlangers. Hierin heeft hij vele opzienbarende documenten onthuld die de directe betrokkenheid van Stalin bewijzen bij de planning en uitvoering van zowel doelgerichte als grootschalige zuiveringen, arrestaties, deportaties en executies in de Sovjet-Unie van de jaren dertig. Vanuit deze expertise heeft Khlevniuk nu een integrale politieke biografie het licht doen zien die uitdrukkelijk wordt gepresenteerd als een nieuwe biografie tegen de achtergrond van de inmiddels talrijke voorgangers.

Nieuw zijn in dit boek niet zozeer de beschreven feiten en gebeurtenissen rond Stalin – deze zullen de ingevoerde lezer redelijk bekend voorkomen −, nieuw is vooral de ongekend grondige en resolute wijze waarop in dit boek definitief wordt afgerekend met Stalin als moorddadige en ook destructieve dictator. Khlevniuk wil geen enkel misverstand laten voortbestaan over de eventuele verdiensten van Stalin. Daarom zet hij zich als historicus af tegen de school van het revisionisme die in Stalins harde moderniseringsbeleid een noodzakelijk kwaad probeert te zien. Nog feller is hij gekant tegen de ‘pseudowetenschappelijke apologieën’ die tegenwoordig in Rusland opgeld doen waarin Stalin wordt geherwaardeerd om zijn kwaliteiten als ‘effectieve manager’. Niets is minder waar, stelt Khlevniuk. Stalin was een gewetenloze extremist die uitsluitend vertrouwde op de toepassing van angst en geweld en niets gaf om de nodeloze schade en vele onschuldige slachtoffers (60 miljoen) die hij hiermee maakte.

Het boek van Khlevniuk is een proeve van degelijke, traditionele geschiedschrijving in de zin dat de informatie hoofdzakelijk wordt geput uit officiële regeringsdocumenten, geheime partijtopberaadslagingen en correspondenties tussen bewindslieden. Aan de hand van dergelijke ‘harde bewijsstukken’ vertelt de auteur een zakelijk en consistent maar ook nogal eendimensionaal verhaal. Deze biografie geeft een beklemmende inkijk in de duistere wereld van de stalinistische machtspolitiek. Maar van de wereld daarbuiten krijgt de lezer − net als overigens Stalin zelf − slechts heel sporadisch nog iets te zien.

Khlevniuk geeft wel een scherpe analyse hoe de persoonlijke eigenschappen van Stalin (zijn wantrouwen, heerszucht en radicalisme) samenvielen met de eisen van zijn tijd (de revolutie, burgeroorlog en het massale bloedvergieten) en hoe deze konden uitmonden in het stalinistische systeem (‘borrowing from Lenin a dogged and unscrupuleous modus operandi, he strove to seize and maintain power… to act with maximal ruthlessness and little restraint’). Dit systeem was geboren in oorlog, getekend door een meedogenloze strijd om de macht, en permanent in voorbereiding op de volgende oorlog met geforceerde campagnes om de bevolking te mobiliseren en opeenvolgende zuiveringen tegen vermeende vijanden. De gevolgen hiervan waren desastreus. Geobsedeerd door de jacht op een imaginaire ‘vijfde colonne’ waarvoor in de jaren 1937-1938 dagelijks gemiddeld 1500 mensen werden geëxecuteerd, bleven de reële vraagstukken en gevaren voor de Sovjet-Unie onbeantwoord.

Een originele vondst van dit boek is de narratieve structuur ervan. Khlevniuk splitst zijn tekst op in twee afzonderlijk vervolgverhalen die in elkaar schuiven als een matrjosjka. Zes chronologische hoofstukken vertellen de voortgang van gebeurtenissen in Stalins leven, afgewisseld door zes thematische hoofdstukken die vanaf het sterfbed van Stalin terugblikken op de sleutelaspecten van zijn persoonlijkheid en systeem. In deze laatste, meer essayistische passages neemt Khlevniuk de gelegenheid om zich uit te spreken over zijn observaties in de archieven. Dit levert de interessantste nieuwtjes op, bijvoorbeeld over de tijdsbesteding van Stalin, het grote aantal brieven en rapporten dat hij ontving, de tientallen mensen die hij dagelijks sprak, de boekenverzameling van 397 titels die hij als een bezetene doornam, waaruit blijkt dat hij weliswaar behoorlijk belezen was, maar in een zeer eenzijdige richting van zijn eigen gelijk, wat weer tot uitdrukking kwam in de simplistische en drammerige stijl van zijn schrijven en spreken. Al met al krijgt de lezer hiermee een goed beeld van het verknipte wereldbeeld van de dictator. ‘A model of the world based on the principle of class struggle permitted him to ignore complexity and despise his victims.’

Terugblikkend op Stalins leven bij diens langgerekte sterven in 1953 concludeert Khlevniuk: ‘he never stopped fighting for his power and never quite trusted his subjects. The methods he used in his never ending battle for power were universal and simple. They included the elimination of any potential threat from within his circle, unrelenting oversight of the secret police, the encouragement of competition and mutual control among the various components of government, and the mobilization of society against perceived enemies both internal and external.’

Over het einde van Stalin neemt Khlevniuk vervolgens een opvallend en eigenzinnig standpunt in. Dit betreft de heikele kwestie van continuïteit of verandering in het totalitaire systeem. Anders dan veel andere historici, ziet hij de dood van Stalin tevens als het definitieve einde van de dictatuur. Met de herinvoering van het collectief leiderschap waren Stalins opvolgers gezamenlijk vastbesloten de opkomst van een nieuwe tiran te voorkomen. ‘Their reforms fundamentally changed the Soviet regime’. Het stalinisme was zo sterk verbonden met de persoon van Stalin dat het systeem hem niet kon overleven, zo impliceert Khlevniuk. De destalinisatie betekende een fundamentele breuk in de geschiedenis van de Sovjet-Unie. Des te wranger klinkt daarom het slotwoord van dit boek waarin de auteur alsnog waarschuwt tegen de recente rehabilitatie en zelfs populariteit van Stalin in postcommunistisch Rusland: ‘Could it really be that Russia in the twenty-first century is in danger of repeating the mistakes of the twentieth?’

Deze retorische vraag duidt ook op een blinde vlek in de overigens zeer overtuigende politieke biografie van Khlevniuk. Door zijn exclusieve focus op de politieke elite en het beleidmakers-perspectief blijven de Sovjetmaatschappij en de publieke opinie geheel buiten beeld. Hoe reageerden gewone mensen, de Sovjetburgers op de heerschappij van Stalin? Werd hij nu geliefd of gehaat? Khlevniuk geeft eerlijk toe dat hij het antwoord schuldig moet blijven omdat hem de informatie hierover ontbreekt. Hij schetst een beeld van twee gescheiden werelden waarin de leider en het volk elkaar eigenlijk niet kennen, en laat het hierbij.

Zo zijn we na het lezen van deze biografie inderdaad wel even klaar met Stalin. Khlevniuk toont op indringende wijze aan dat er in de persoon van Stalin werkelijk niets is dat onze bewondering verdient, en ook dat er van zijn geschiedenis geen enkele inspiratie meer uitgaat. Maar met het sluiten van dit boek vraagt de lezer zich meer dan ooit af hoe het toch mogelijk was te (over)leven onder het stalinisme. En daarmee kunnen de historici nog generaties vooruit.

Add a Comment

Commenting is not available in this channel entry.